Grote of kleine perssinaasappels?

In de supermarkt stond ik altijd voor het dilemma wanneer ik perssinaasappels moest hebben welke ik moest nemen wanneer er netten lagen met sinaasappels van verschillende grootte. Vaak waren het netten met vrijwel even grote sinaasappels, maar het gebeurde ook wel dat er netten lagen met 9 en met 15 sinaasappels er in.

De enige mogelijkheid om daarachter te komen leek me een net met 9 sinaasappels en een net met 15 sinaasappels mee te nemen.
De volgende dag de weegschaal gepakt, weliswaar niet een met grote precisie, op 2 gram nauwkeurig, maar daarmee moest ik toch wel kunnen bepalen welke nu het gunstigst waren om uit te persen, grote of kleine.
Uit het net van 9 nam ik de grootste sinaasappel met een diameter van 77 mm, deze woog 240 gram.
Na hem uitgeperst te hebben woog de schil ( 5.1 mm dik) 76 gram, ergo, het gewicht aan vruchtvlees bedroeg 164 gram.

Uit het andere net nam ik de kleinste, met een diameter van 67 mm, deze woog 121 gram.
Ook deze werd uitgeperst en het gewicht van de schil ( 4.4 mm dik) bleek 50 gram, ergo, het gewicht aan vruchtvlees bedroeg 71 gram.

Hieruit is te berekenen dat bij de grote sinaasappel 68.33% (gewichtsprocenten) uit vruchtvlees bestaat en bij de kleine slechts 58.68%. Het ligt voor de hand hieruit de conclusie te trekken dat het voordeliger is grote sinaasappelen te kopen. Echter, wat een belangrijke factor kan zijn is de schildikte, deze kan bij sinaasappels uit eenzelfde net aanzienlijk variëren. Variaties tussen de 3 en 10 mm zijn niet uitzonderlijk en dat heeft natuurlijk een behoorlijke invloed op het vruchtvleespercentage. Wellicht dat bij een kleine sinaasappel met een zeer dunne schil en een grote met een hele dikke schil de opbrengst aan vruchtvlees elkaar weinig zou kunnen ontlopen. Maar het lijkt me toch gerechtvaardigd te stellen dat je beter grote sinaasappels kunt kopen. In ieder geval bespaart het je ook werk als je eenzelfde hoeveelheid sap wilt hebben.