Inleiding.
Vanaf het ogenblik dat het eerste wetenschappelijke experiment
werd uitgevoerd, zijn de mensen onophoudelijk door de natuur gedwarsboomd.
Alleen geduld, aanpassingsvermogen en doorzettingsvermogen hebben
de wetenschappelijke onderzoeker in staat gesteld iets te weten
te komen over de werking van het heelal.
Het is nog steeds niet bekend waarom dit zo moet zijn. Niets zou
natuurlijker zijn dan dat de Natuur logisch en ordelijk is.
Dit is echter niet het geval en wat men de ervaring - de beste
leermeester van allen - pleegt te noemen, blijkt alleen maar een
geleidelijke aanvaarding te zijn van de weerspannigheid van de
Natuur.
Nu zijn er door de jaren heen een aantal wetten bekend geworden
waarmee de ervaringen van duizenden onderzoekers worden samengevat.
Totdat Dr. Finagle zich ermee belastte, zijn wetten echter nooit
vastgelegd ten dienste van de opleiding en de opvoeding van de
jonge beoefenaren van onze wetenschappen. Ze zijn dan ook nooit
afgeleid of bewezen. Toch zijn ze juist, omdat ze nu eenmaal altijd
juist zijn geweest.
Of dit waar is kunt u bijvoorbeeld toetsen aan uw eigen ervaring.
Het werk van Dr. Finagle is nu echter onder onze aandacht gebracht
dank zij John W. Campbell, de uitgever van 'Astounding Science
Fiction' en dank zij de vele lezers van diens tijdschrift die
voorbeelden en toepassingen verzamelden en inzonden zodat ook
anderen van hun ervaringen konden profiteren.
Over experimenten
Alleen de eerste vier wetten zijn waardig bevonden door een
cijfer te worden gekenmerkt. Let op de schoonheid van eenvoud
die uit de eerste wet spreekt. Bemerk bovendien dat de drie andere
wetten betrekking hebben op de reacties van de mensen op de natuur
- niet dus op de natuur zelf.
Hier zijn ze dan:
Wet nr. 1 : Alles wat een proef kan doen mislukken, dat zal ook gebeuren.
Wet nr. 2 : Er is altijd iemand te vinden die bereid is en het klaar speelt om bij een experiment elk gewenst resultaat te verkrijgen.
Wet nr. 3 : Er is altijd iemand, die welk resultaat dan ook, verkeerd zal willen uitleggen.
Wet nr. 4 : Wat er ook gebeurt, er is altijd iemand die gelooft dat het gebeurde volgens zijn lievelingstheorie.
De wet van de geheide blunder
Het getal dat in een verzameling gegevens zonder enige twijfel
juist is, is geheid fout.
Opmerking 1 : Niemand, die u deze gegevens laat zien, zal dit opmerken.
Opmerking 2 : Iedereen, die ze toevallig onder ogen krijgt, zal het onmiddellijk zien.
Vervolgens zijn een aantal regels geformuleerd die men eigenlijk raadgevingen aan onderzoekers kan noemen. Zij zijn het logisch gevolg van de vier eerste wetten die nu echter zijn omgewerkt voor dagelijks gebruik.
Experimenten moeten reproduceerbaar zijn. Dat wil zeggen: ze moeten altijd op dezelfde wijze mis gaan.
Teken eerst de krommen, doe daarna de waarnemingen.
Ervaring is recht evenredig met de hoeveelheid onherstelbaar vernielde apparatuur.
Vermeld altijd uw waarnemingen. Dan kan men zien dat u gewerkt hebt.
Zorg dat u een onderwerp volkomen begrijpt voordat u het gaat bestuderen.
Spreek met meer overtuiging naarmate u zelf meer twijfelt.
Geloof niet in wonderen - vertrouw er echter wel op.
Houdt altijd de verklaring achter de hand, hoe het komt dat iets niet werkt. Deze open - deur politiek is ook bekend als : De regel van de uitweg.
Menselijke zwakheden
De nu volgende richtlijnen geven een indruk van de menselijke
moeilijkheden die uit het voorgaande voortvloeien. Voor een deel
geven zij weer hoe de mens reageert op de natuur, in het bijzonder
echter hoe de mens reageert op zijn medemens.
De wijzigings-wetten
Vaak over één kam geschoren met de "moet-je-nou-weer-eens-horen"
wet.
Eerste wet : Inlichtingen waaruit volgt dat een ontwerp gewijzigd moet worden, mogen pas aan de constructeur worden doorgegeven nadat - en niet eerder dan nadat - hij klaar is met zijn tekeningen.
Opmerking : Bij eenvoudige problemen waarin een keus gemaakt moet worden tussen een duidelijk verkeerde en een voor de hand liggende oplossing, is het vaak verstandiger eerst die verkeerde oplossing uit te werken. Men komt zo sneller tot resultaten dan in het geval dat men regelrecht de goede weg inslaat, zich vervolgens laat bepraten dat dit de verkeerde weg is en men tenslotte toch weer op de goede weg terecht moet komen.
Tweede wet : Hoe onschuldig een wijziging zich aanvankelijk ook voordoet, des te ingrijpender blijkt hij naderhand vaak te zijn en des te meer constructies moeten worden herzien.
Derde wet : Indien men tegen het tijdstip dat het projekt klaar komt de schets ontvangt met de werkelijke situatie en indien deze dan geheel blijkt af te wijken van de geplande situatie waarmee men al die tijd rekening heeft gehouden, dan is het altijd beter geheel opnieuw te beginnen.
Vierde wet : Zelfs als dit volstrekt onmogelijk is, zal men er toch nog kans toe zien een onderdeel verkeerd te monteren.
Opmerking : Het heeft weinig zin zich van tevoren zorgen te maken. Indien er geen moeilijkheden zijn, zorgt een ander er wel voor.
De wet van de verloren millimeter
In het laatste kwartier van een werkdag is het beslist onmogelijk
die millimeter op te sporen die bij het berekenen van een totaalmaat
is zoekgeraakt.
Opmerking 1 : Als er maten met zestiende inches of kleiner bij zijn, is het in deze periode, hoe dan ook, onmogelijk een totaalmaat bijeen te tellen.
Opmerking 2 : Het juiste totaal kan zonder enige moeite worden vastgesteld in de eerste minuut van een nieuwe werkdag.
Afleveringen die normaal een dag vragen, duren een week
wanneer men er opwacht.
Wanneer u een instrument instelt, of wanneer u tekent, optelt
of wat dan ook doet, bedenk dan dat het oog van uw opperste chef
scherper ziet en fijner meet dan het nauwkeurigste instrument.
Wanneer u twee weken aan een planning hebt toegevoegd voor onverwachte
vertragingen, voeg dan nogmaals twee weken toe voor onverwachte
vertragingen.
Wanneer u ontdekt dat u grote hoeveelheden werk hebt verzet om
uit een probleem te komen, ga dan nog eens kijken welk probleem
u eigenlijk aan het oplossen bent.
De term van Finagle
Het werk van Dr. Finagle is ook vastgelegd in enige wiskundige
formules. Op dit punt bestaat enige verwarring aangezien twee
nieuwe begrippen, te weten de bedot - en de doezel - factor worden
ingevoerd. Deze factoren worden evenwel door wetenschappers en
technici met groot voordeel gehanteerd.
Jaren geleden, toen het nog betrekkelijk eenvoudig was om het
heelal te begrijpen, stond de term van Finagle uit een eenvoudige
constante KF in de formule:
Met deze term, in sommige gevallen bekend als een variabele
constante kan door een eenvoudige optelbewerking ieder gemeten
variable grootheid X in overeenstemming gebracht worden met de
bedoelde theoretisch waarde X'.
Toen later bleek dat niet alle moeilijkheden zo eenvoudig konden
worden opgelost, werd de bedotfactor K ingevoerd.
De formule werd:
Hoe groot de mogelijkheden met deze factor ook waren, toch bleek dat bij bestudering van ingewikkelde theorieën op het gebied van regelinstallaties de behoefte aan een nog sterkere beïnvloedingsfactor te bestaan. Hiertoe werd de doezelfactor KD ingevoerd in de vergelijking van de tweede graad:
Men is van oordeel dat - althans op het ogenblik - op basis
van deze functie iedere werkelijkheid redelijk nauwkeurig met
de wiskundige theorie in overeenstemming kan worden gebracht.
Ter verduidelijking kan worden vermeld dat John W. Campbell een
groot verschil ziet in de verschillende correctiefactoren.
De term van Finagle bijvoorbeeld zou men kunnen kenschetsen als
de mogelijkheid om het heelal zo te wijzigen dat het aan een vergelijking
voldoet. De bedotfactor daarentegen verandert een vergelijking
zodanig dat overeenstemming met het heelal wordt bereikt.
De doezelfactor tenslotte, verandert alles zodanig dat de formule
en de werkelijkheid schijnbaar overeenstemmen zonder dat in een
van beide iets is veranderd.
Zo werd de planeet Uranus in het heelal ingevoerd toen men met
de wetten van Newton de bekende planeetbewegingen niet zonder
meer kon verklaren. Dit is een mooi voorbeeld van het gebruik
van de term van Finagle.
Bij het opstellen van zijn relativiteitstheorie werd Einstein
sterk beïnvloed door de waarnemingen aan de baan van Mercurius.
Hier is kennelijk de bedotfactor ingevoerd. En de fotograaf die
een "soft - focus" lens gebruikt wanneer hij een niet-meer-zo-jonge
vrouw portretteert, geeft een voorbeeld van het gebruik van de
doezelfactor. Door de resultaten te vervagen, wordt de werkelijkheid
op een veel bevredigender wijze afgebeeld.
Voor zover wij weten is dit de eerste duidelijke openbaarmaking
van de wetenschappelijke methode waarmee al de kennis is afgeleid
die de mensheid zich door de tijden heen heeft verworven.
Door het publiceren ervan kunnen zij die na ons komen misschien
bouwen aan een toekomst, vele malen beter dan de beste die wij
ons thans kunnen voorstellen.